Vogel
Canadese kraanvogel
Canadese kraanvogel
Antigone canadensis
Log in om deze soort toe te voegenDe Canadese kraanvogel behoort tot het geslacht Antigone uit de familie van Kraanvogels (Gruidae).
Deze grote, gracieuze vogels leven voornamelijk in open moerassen, graslanden en prairies in Noord-Amerika. Ze broeden nabij water en bouwen hun nesten van waterplanten. Tijdens de migratie verzamelen ze zich in grote groepen en voeden zich met een breed dieet van planten en kleine dieren. Hun opvallende roep en sierlijke paringsdans zijn kenmerkend gedrag.
Taxonomische indeling
- Bird Order
- Kraanvogelachtigen (Gruiformes)
- Bird Family
- Kraanvogels (Gruidae)
- Bird Genus
- Antigone
Ringmaat
Man 16.0 mm Vrouw 16.0 mmWelzijnsadviezen
Kraanvogels
Het welzijn van deze soort vraagt om zorgvuldige aandacht voor leefomgeving en huisvesting.
Om de kraanvogels op een verantwoorde en diervriendelijke manier te verzorgen, delen wij hieronder de belangrijkste aanbevolen richtlijnen.
- Voeding: variatie van planten, granen, dierlijke eiwitten of pellets.
- Sociaal: paren in broedseizoen, groepen buiten seizoen.
- Leefruimte: buitenverblijf met gras, beschutting en water.
- Klimaat: winterharde soorten buiten; subtropisch verwarmd; andere vorstvrij.
- Ruimte: grote soorten ± 200-300 m², kleine soorten ± 100-150 m², subtropische soorten ± 10 m² binnen.
Man:
Het mannetje van Antigone canadensis heeft een overwegend grijs verenkleed over het gehele lichaam, met lichte witte strepen op de vleugels en rug. De kop en bovenhals zijn deels rood, met een kale, felrode kruin die contrasteert met het grijze lichaam. De snavel is lang, recht en grijs tot hoornkleurig. De poten zijn donkergrijs tot zwart en lang, geschikt om in moerassige gebieden of graslanden te waden. De iris is donkerbruin.
Vrouw:
Het vrouwtje lijkt sterk op het mannetje en vertoont hetzelfde grijze verenkleed en gedeeltelijk rode kop. Ze is meestal iets kleiner en de snavel kan iets slanker zijn. De poten en iris zijn identiek aan die van het mannetje.
Juveniel:
Jonge vogels lijken op de volwassenen, maar het grijze verenkleed is matter en bruiniger. De rode kale kruin is nog niet ontwikkeld. De snavel is korter en grijzer, de poten grijzer en de iris bruinachtig.
Kuiken:
De kuikens zijn bedekt met zacht, grijsbruin dons met lichtere vlekken op de bovenzijde voor camouflage. De onderzijde is lichter, bijna beige. De snavel is kort en grijs, de poten grijsgroen en de iris donkerbruin. Naarmate ze ouder worden, ontwikkelen snavel, poten en volwassen grijs verenkleed zich volledig en verschijnt de karakteristieke gedeeltelijk rode kale kruin.