Zwartoorpapegaai

Pionus menstruus

Log in om deze soort toe te voegen

De Zwartoorpapegaai behoort tot het geslacht Pionus binnen de familie van Papegaaien (Psittacidae).

Deze papegaai komt van oorsprong voor in delen van Zuid-Amerika, waaronder Uruguay, Paraguay, zuidelijk Brazilië en Argentinië. De vogel leeft vooral in bossen en open landschappen in de buurt van grote rivieren. Het is een sociaal dier dat vaak in groepen voorkomt en zich voedt met vruchten, zaden en noten. De vogel staat bekend om zijn rustige en vriendelijke karakter, waardoor hij populair is als gezelschapsvogel. In het wild is hij minder luidruchtig dan veel andere papegaaiensoorten en toont hij een nieuwsgierige en ontdekkingslustige aard.

Zwartoorpapegaai
Blue-headed Parrot
Blaustirnamazone
Pione à tête bleue

Taxonomische indeling

Bird Order
Papegaaiachtigen (Psittaciformes)
Bird Family
Papegaaien van de Nieuwe Wereld (Psittacidae)
Bird Genus
Pionus

Ringmaat

Man 7.0 mm Vrouw 7.0 mm

Welzijnsadviezen

Overige vogels

De categorie overige vogels omvat een zeer brede en diverse groep vogelsoorten met uiteenlopende biologische, ecologische en gedragsmatige kenmerken. Vanwege deze grote variatie is het niet mogelijk om één uniforme set huisvestingsrichtlijnen op te stellen die voor alle soorten binnen deze categorie passend en verantwoord is.

Om die reden zijn er voor deze categorie geen specifieke, vastomlijnde richtlijnen geformuleerd. Bij het huisvesten van overige vogels dient altijd maatwerk te worden toegepast, waarbij rekening wordt gehouden met de soortspecifieke behoeften, natuurlijke leefwijze, sociale structuur en welzijnseisen van de betreffende vogels. Algemene principes van dierenwelzijn, veiligheid en verzorging blijven hierbij leidend.

Huisvestingsrichtlijnen waterpartij diep

Wetgeving(en)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

EU verordening bijlage B (CITES appendix II)

Deze vogelsoort wordt wereldwijd beschouwd als een (bijna) bedreigde soort in het oorspronkelijke leefgebied, of de handel in deze soort kan hiertoe leiden. 
Deze soort staat daarom op Bijlage B van de Europese Verordening en CITES appendix II. 

Binnen de avicultuur (in volière-milieu) mag deze soort alleen worden gehouden, gefokt of verhandeld als de legale herkomst kan worden aangetoond. De lidstaten aangesloten bij het CITES-verdrag (Convention on International Trade in Endangered Species of wild flora and fauna) hebben internationale regels opgesteld die het houden, fokken en verhandelen van deze dieren onder strikte voorwaarden mogelijk maakt. 

In de avicultuur is het toegestaan deze soort te houden en te kweken, mits de legale herkomst duidelijk kan worden aangetoond. Bij overdracht of verkoop moet altijd een overdrachtsverklaring of registratie aanwezig zijn. Hierdoor kan bij controles worden bewezen dat de vogel afkomstig is uit legale kweek en niet uit de natuur is onttrokken.

De houder de dient legale herkomst van de vogel aan te tonen:

  • De vogel is voorzien van een uniek merkteken. In het geval van vogels is dit een naadloos gesloten pootring die bij een volwassen vogel niet meer van de poot kan worden verwijderd.
  • Bij elke overdracht dient een herkomstverklaring/ overdrachtsverklaring te worden opgemaakt en ondertekend door de afgevende en ontvangende partij.
  • Let op: bij controle dienen ook gegevens van de ouderdieren én grootouderdieren getoond te kunnen worden.  

Man:
De man heeft een overwegend groen verenkleed met een blauwe kop en nek. De borst is lichtblauw met een subtiele glans, die overgaat in een groene buik. De vleugels zijn groen met een blauwe tint aan de uiteinden. De staartveren zijn groen met een rode onderzijde, wat een opvallend contrast biedt. De snavel is grijs met een lichte wasachtige structuur aan de basis. De poten zijn grijs en hebben een gladde textuur. De iris is donkerbruin, omgeven door een smalle, onopvallende oogring.

Vrouw:
De vrouw heeft een vergelijkbaar verenkleed als de man, maar met minder uitgesproken blauwe tinten. De kop en nek zijn minder intens blauw, met een meer matte uitstraling. De borst is lichtblauw, maar minder glanzend dan bij de man. De vleugels en staart hebben dezelfde groene en rode kleuring, maar de contrasten zijn subtieler. De snavel is iets kleiner en heeft dezelfde grijze kleur met een wasachtige basis. De poten zijn grijs en vertonen een vergelijkbare structuur als die van de man. De iris is donkerbruin, met een nauwelijks zichtbare oogring.

Juveniel:
Juvenielen hebben een overwegend groen verenkleed met een minder uitgesproken blauwe kop en nek. De borst is groen met een lichte blauwe waas, die minder glanzend is dan bij volwassenen. De vleugels zijn groen met een vleugje blauw aan de uiteinden, maar minder intens. De staartveren zijn groen met een minder opvallende rode onderzijde. De snavel is grijs en mist de wasachtige structuur van volwassenen. De poten zijn grijs en hebben een iets ruwere textuur. De iris is donkerbruin, zonder duidelijke oogring.

Kuiken:
Kuikens zijn bedekt met een dunne laag donzige, groene veren. De snavel en poten zijn lichtgrijs.