Oorvlekduif

Zenaida auriculata

Log in om deze soort toe te voegen

De Oorvlekduif behoort tot het geslacht Zenaida uit de familie van duiven (Columbidae)

.

De geoorde treurduif is een vogel die wijdverspreid voorkomt in Zuid-Amerika en de Caraïben. Ze bewonen open graslanden, bosranden, landbouwgebieden en stedelijke omgevingen. Door hun adaptieve gedrag kunnen ze zowel in natuurlijke als door de mens aangepaste leefgebieden overleven.

Oorvlekduif
Eared Dove
Ohrflecktaube
Tourterelle oreillarde

Taxonomische indeling

Bird Order
Duiven (Columbiformes)
Bird Family
Duiven (Columbidae)
Bird Genus
Zenaida

Ringmaat

Man 5.5 mm Vrouw 5.5 mm

Welzijnsadviezen

Duiven

Voor het welzijn van duiven is een passende leefomgeving wenselijk. Hieronder staan de belangrijkste aandachtspunten die kunnen bijdragen aan een goede verzorging en huisvesting. Het gaat daarbij vooral om aandacht voor ruimte, voeding en sociaal gedrag.  De volgende welzijnsadviezen worden door ons aanbevolen en zijn samengesteld op basis van meerdere betrouwbare bronnen. Daarbij hanteert Aviornis eigen welzijnsadviezen, die zijn opgesteld door een Aviornis deskundigenpanel en gebaseerd zijn op specialistische kennis en praktijkervaring binnen de vereniging.

  • Ruimte: per koppel wordt ongeveer 1,6–5 m² geadviseerd, afhankelijk van soort en grootte. Voor volières wordt ongeveer 3 m² en 1,8 m hoogte aangeraden.
  • Klimaat: zorg bij voorkeur voor beschutting tegen weer en wind. Tropische soorten hebben baat bij een vorstvrij verblijf (minimaal 15 °C).
  • Sociaal: duiven voelen zich prettiger in gezelschap; het is daarom aan te bevelen ze ten minste in paren te houden. Tijdens het broedseizoen helpt het om nestgelegenheid en nestmateriaal aan te bieden.
  • Volière/uitloop: zitstokken op verschillende hoogten en een wekelijkse badgelegenheid dragen bij aan het welzijn van de dieren.
  • Voeding: kies voor graan- en zadenmengsels afgestemd op de soort. Voor fruitduiven zijn fruit en bessen een goede basis. Zorg daarnaast altijd voor grit en vers drinkwater.
Huisvestingsrichtlijnen Duiven

Man:
Het mannetje is een middelgrote duif van circa 22-26 cm lengte. Het verenkleed is overwegend lichtbruin tot zandbruin met een roze- tot paarsachtige zweem op de borst. De vleugels zijn donkerder bruin met opvallende zwarte vlekken op de dekveren. De buik en onderstaartdekveren zijn lichter, vuilwit tot grijsachtig. Achter het oor bevindt zich een karakteristieke zwarte vlek, waaraan de soort haar naam dankt. De staart is lang en afgerond, donker met brede witte eindbanden die in vlucht goed zichtbaar zijn. De snavel is zwart, kort en slank. De iris is roodbruin tot oranjerood, omgeven door een fijne blauwe oogring. De poten zijn rood tot purperrood.

Vrouw:
Het vrouwtje is vrijwel identiek aan het mannetje, maar gemiddeld iets kleiner en matter gekleurd. De roze zweem op de borst is vaak minder uitgesproken en de oorvlek iets minder contrastrijk.

Juveniel:
Juvenielen zijn valer en grijzer van tint, met een subtiele geschubde tekening door lichte randen aan de mantel- en vleugelveren. De oorvlek is minder duidelijk zichtbaar. De iris is donkerbruin, de oogring vaalblauw en de poten bleker rood.

Kuiken:
Kuikens zijn nestblijvers, geboren met dun, grijsbruin dons. De snavel is kort en donkergrijs, de poten vleeskleurig en de ogen donker. De karakteristieke oorvlek verschijnt pas tijdens de jeugdrui.

Bekijk ook:

  • Tijdschrift 249